Nederland pakt lerarentekort succesvol aan met zij-instromers: bijna één op de vijf docenten had eerst een ander beroep
In dit artikel:
Nederland blijkt internationaal zeer succesvol in het inzetten van zij-instromers om het lerarentekort te bestrijden. Volgens een jaarlijks onderwijsrapport van de Oeso bestaat inmiddels 16,9 procent van het Nederlandse lerarenbestand uit mensen die vanuit een ander beroep zijn omgeschoold. Dat is ruim twee keer het internationale gemiddelde van 8 procent. In landen als Zuid-Korea, Japan en Turkije ligt het aandeel onder de 1 procent.
De Oeso prijst Nederland omdat eerdere werkervaring wordt erkend en opleidingen met werk kunnen worden gecombineerd. De Algemene Onderwijsbond (AOb) wil die aanpak verder uitbreiden. De bond pleit voor directe voltijdaanstellingen en betere begeleiding van zij-instromers. Het kabinet heeft aangekondigd het budget hiervoor fors te verhogen tot 155 miljoen euro, zodat deelnemers beter kunnen worden betaald en ondersteund.
Volgens AOb-voorzitter Coba van der Veer blijven financiële zorgen, niet-passende opleidingen en een tekort aan beschikbare plekken belangrijke belemmeringen. Schoolbesturen zouden bovendien terughoudend zijn met het aannemen van zij-instromers. De VO-raad wijst erop dat het hoge Nederlandse percentage vooral wordt veroorzaakt door de instroom in het primair onderwijs en mbo; in het voortgezet onderwijs ligt die aanzienlijk lager en is niet iedereen volledig bevoegd.
Ondanks het aanhoudende personeelstekort voelen Nederlandse leraren zich relatief gewaardeerd. Samen met Denemarken staat Nederland internationaal hoog als het gaat om waardering voor het beroep. Ook zijn leraren over het algemeen tevreden over hun salaris en arbeidsvoorwaarden.
Vandaag Inside: Johan Derksen: ‘Ik word beroerd van mensen die blijven protesteren tegen Marco Borsato’