Taboe op schulden door gokken onder jongeren: 'Sprak wel een jongen die 350.000 euro had'
In dit artikel:
Onder jongeren in Nederland blijft praten over gokken en gokverslaving stigmatisch: uit onderzoek ervaart 56 procent van de Nederlanders een taboe om gokproblemen te bespreken, en bijna de helft gokt maandelijks (Kansspelautoriteit). Jongerenwerker Matheus Sales de Moura van Jongerencentrum Pitstop in Eindhoven signaleert dat dit taboe juist onder jongeren sterk leeft en dat problemen vaak onopgemerkt blijven.
Digitale toegankelijkheid en normalisering versterken de kwestie. Online gokapps en sportweddenschappen zijn voortdurend bereikbaar via mobiele telefoons, waardoor gokken makkelijk en onzichtbaar geïntegreerd raakt in het dagelijks leven. Sportweddenschappen worden door veel jongeren gezien als kennisgestuurde inzet in plaats van gokken, wat bijdraagt aan de normalisering. Daarnaast ontstaan nieuwe risicovormen zoals speculatie in volatiele ‘meme coins’ en cryptovaluta, waar jongeren grote portfolio’s tonen en soms aanzienlijke winsten of verliezen ervaren.
Schaamte speelt een centrale rol in waarom problemen niet worden gedeeld: jongeren praten makkelijk over successen (grote winsten) maar verbergen verliezen en schulden. De Moura ziet dat gokproblemen zelden op zichzelf staan; vaak is er een combinatie van kwetsbaarheid, weinig perspectief, ontbrekende rolmodellen en leven in kwetsbare wijken die maakt dat jongeren minder weerbaar zijn tegen verleidingen. Gokken fungeert vaak als vlucht: de directe dopamine-kick zorgt ervoor dat moeilijke gevoelens of schulden tijdelijk op de achtergrond verdwijnen, en dat houdt het gedrag in stand.
Signalen van problematisch gokken zijn soms subtiel: constante preoccupatie met geld, afzondering, geheimzinnigheid over uitgaven, somberheid of stress. De Moura benadrukt dat vrienden en omgeving alert moeten zijn en op een niet-veroordelende manier het gesprek moeten aangaan. Vroegtijdige herkenning kan escalatie voorkomen.
Een belangrijke ontbrekende schakel is onderwijs en financiële geletterdheid. Scholen besteden volgens De Moura te weinig aandacht aan praktische omgang met geld; droge of abstracte lessen werken niet. Hij geeft zelf prikkelende lessen met titels als "hoe word je rijk?" om jongeren wél te bereiken en basisbudgettering aan te leren. Vertrouwensrelaties tussen jongeren en begeleiders blijken essentieel om problemen bespreekbaar te maken.
Praktische hulp is voor veel mensen nog onduidelijk; ruim de helft weet niet waar hulp te vinden is. De Moura verwijst naar openovergokken.nl en huisartsen als startpunten voor ondersteuning. Zijn oproep: maak het onderwerp bespreekbaar zonder oordeel, let op subtiele signalen en schakel vroegtijdig hulp in zodat problemen niet verder uitgroeien.