Volgens diëtist Jonathan Klaassen (36) begint afvallen niet op je bord, maar in je brein: 'Dieet gaat niet naar de kern'
In dit artikel:
Diëtist en eettherapeut Jonathan Klaassen (36) stelt dat afvallen niet begint bij de keuze op je bord, maar in je hoofd: ons eetgedrag is diep verweven met gedachten, emoties en identiteit. Zijn persoonlijke interesse in sport en voeding ontwikkelde zich tot een vak waarbij hij voeding steeds meer koppelt aan gedrags- en voedingspsychologie. Uit die overtuiging schreef hij het boek Train je brein naar een gezond gewicht, dat aansluit op de vragen die hij in zijn praktijk vaak hoort: hoe kom ik tot een gezonder gewicht en een rustiger relatie met eten?
Klaassen wijst op meerdere oorzaken van verwarring rond voeding. Veel advies is gebaseerd op persoonlijke ervaringen of simplistische interpretaties van wetenschappelijk onderzoek, wat leidt tot tegenstrijdige boodschappen. Ook is ieder mens uniek; wat voor de één werkt, is niet per se toepasbaar voor een ander. Als voorbeeld noemt hij de veelgeprezen effecten van groene thee: het enige meetbare effect op de stofwisseling is zo klein dat je er liters voor zou moeten drinken om echt resultaat te merken, maar de industrie speelt graag in op zulke claims.
Centrale boodschap van Klaassen is dat symptomatisch ingrijpen — zoals diëten die alleen de ‘voedselknop’ bedienen — meestal tijdelijk werkt en de onderliggende psychologische oorzaken negeert. Emoties worden vaak met eten gedempt; sommige mensen geloven van tevoren al dat afvallen niet lukt; anderen worstelen met een omgeving vol verleidingen. Hij pleit daarom voor het onderzoeken van de drijfveren achter gedrag, het anders leren praten tegen jezelf en het ontwikkelen van veerkracht rondom kwetsbaarheid.
Praktische adviezen zijn gericht op kleine, duurzame veranderingen: langzamer eten en beter kauwen, ontbijten of lunchen bewust voorbereiden, vaste gezonde maaltijden klaar hebben voor vermoeiende momenten na werk, en je huis zo inrichten dat verleidingen minder aanwezig zijn (bijvoorbeeld groenten zichtbaar neerleggen en ongezonds niet aanschaffen). Stap voor stap bouwen nieuwe routines op en leggen nieuwe paden in je brein, waardoor gezond gedrag vanzelfsprekender wordt. Let ook op de ‘alles-of-niets’-valkuil: één ongezonde keuze maakt een dag niet kapot; het totaalbeeld telt.
Klaassen sluit aan bij eerdere geluiden uit de zorg over de invloed van ultrabewerkte producten en suiker in onze omgeving. Zijn advies: wees minder gefixeerd op strikte diëten en meer op bewustzijn, kleine gedragsveranderingen en het aanpakken van de psychologische oorzaken. Alleen dan ontstaat volgens hem een duurzame, gezonde relatie met eten.